Module 4 · Hematologische Farmacologie

Antistolling &
Tromboseprofylaxe

Alles over arteriële versus veneuze antistolling: van Ascal en Plavix tot de nieuwste DOAC's, traditionele coumarines (INR) en laagmoleculair heparines. Inclusief alarmsymptomen van bloedingen en acute antidota.

📋 9 Geneesmiddelen uit de leerstof 🩺 Farmacotherapeutisch Kompas & Trombosestichting ⚠️ Focus: INR-monitoring, nierfunctie bij DOAC's & couperen ⏱️ Studieduur: ± 45 min
Klinisch Onderscheid: Arteriële vs Veneuze Trombose

1. Arteriële stolling ('witte trombus'): Ontstaat in slagaders bij hoge stroomsnelheid (atherosclerose, plaque-ruptuur → CVA, TIA, myocardinfarct). Bestaat vooral uit bloedplaatjes (trombocyten). Behandeling: Trombocytenaggregatieremmers (Ascal, Clopidogrel).
2. Veneuze stolling & Atriumfibrilleren ('rode trombus'): Ontstaat bij lage stroomsnelheid of stase (DVT, longembolie, stilstaand bloed in hartoor bij AF). Bestaat uit een fibrinenetwerk met rode bloedcellen. Behandeling: Anticoagulantia (DOAC's, VKA's, heparines).

Bron: Farmacotherapeutisch Kompas — Richtlijn Antitrombotisch Beleid.
Aangrijpingspunten in de hemostase
01

Causale Keten: Stolling & Bloedingsrisico

Begrijp hoe anticoagulantia ingrijpen in de stollingscascade en hoe je bloedingsrisico's tijdig signaleert.

1. Vitamine K-Antagonisten (Acenocoumarol / Fenprocoumon)

Aangrijping Blokkeert vitamine K-epoxide reductase in de lever
Fysiologie Geen carboxylering van stollingsfactoren II, VII, IX en X
Klinisch effect Verlenging van de stollingstijd → stijging van de INR (streef 2.0 - 3.0)
Verpleegkundige actie Doseerkalender Trombosedienst volgen. Bij bloeding: Vitamine K / Cofact!

2. Directe Orale Anticoagulantia (DOAC's: Apixaban / Rivaroxaban)

Aangrijping Directe, selectieve remming van actief Factor Xa
Fysiologie Blokkade van de omzetting van protrombine (II) naar trombine (IIa)
Klinisch effect Voorspelbare antistolling zonder noodzaak van INR-bloedprikken
Verpleegkundige actie Controleer nierfunctie (eGFR)! Bij nierinsufficiëntie dreigt ernstige stapeling.
Arteriële Bloedplaatjesremmers
02

Trombocytenaggregatieremmers

Voorkomen dat bloedplaatjes samenklonteren op beschadigde atheromateuze vaatwanden.

Acetylsalicylzuur (Ascal)
Ascal cardio, Aspirine Protect, Carbasalaatcalcium
COX-1 Plaatjesremmer
Werking & Indicatie

Acetyleert en remt onomkeerbaar (irreversibel) het enzym cyclo-oxygenase-1 (COX-1) in bloedplaatjes. Hierdoor stopt de synthese van tromboxaan A2 (TXA2), een krachtige activator van plaatjesaggregatie. Aangezien bloedplaatjes geen celkern hebben, duurt het effect de gehele levensduur van de bloedplaatjes (7-10 dagen)!
Indicatie: secundaire preventie na TIA, CVA, myocardinfarct, stabiele angina pectoris en na dotter/stent.

Bijwerkingen

Gastro-intestinale erosies, maagulcers, maagbloedingen, microbloedingen, verlengde bloedingstijd, blauwe plekken.

Contra-indicaties: Actieve bloeding, maagzweer in de actieve fase, overgevoeligheid voor salicylaten (astma-aanval door aspirine).
Toediening & Dosering

Oraal (lage dosis: 80-100 mg 1× daags). Carbasalaatcalcium (Ascal) is een calciumpoeder dat in water wordt opgelost en sneller dispergeert.

Clopidogrel
Plavix, Grepid
P2Y12-Receptorremmer
Werking & Indicatie

Prodrug die in de lever door CYP-enzymen (o.a. CYP2C19) wordt omgezet in een actieve metaboliet. Deze remt irreversibel de P2Y12-adenosinedifosfaat (ADP) receptor op het oppervlak van de trombocyt. Indicaties: preventie na coronair stentplaatsing (vaak als DAPT: Dual Antiplatelet Therapy i.c.m. Ascal gedurende 6-12 mnd), perifeer arterieel vaatlijden (claudicatio), en alternatief bij Ascal-allergie.

Aandachtspunten

Tablet 75 mg 1× daags. Let op interactie met omeprazol (remt CYP2C19 en kan de werking van clopidogrel verminderen; pantoprazol heeft hier de voorkeur). Minimaal 5-7 dagen vóór electieve operaties staken in overleg met arts.

Directe Orale Anticoagulantia
03

DOAC's (Directe Orale Anticoagulantia)

Moderne bloedverdunners die gericht één stollingsfactor remmen. Vaste dosering zonder INR-prikken.

⚠️ Verpleegkundig Alarm: Nierfunctie & Therapietrouw bij DOAC's

1. Strikte therapietrouw: Omdat DOAC's een relatief korte halfwaardetijd hebben (ongeveer 8-14 uur), verdwijnt de antistolling snel bij het overslaan van een dosis. De patiënt is dan direct onbeschermd tegen een herseninfarct!
2. Nierfunctiecontrole: DOAC's worden deels tot grotendeels renaal geklaard (vooral dabigatran 80%). Bij acute nierinsufficiëntie (dehydratie, infectie) stapelt het medicijn direct op, met levensbedreigende bloedingen tot gevolg! Minimaal jaarlijks en bij ziekte eGFR controleren.

Dabigatran
Pradaxa
Directe Trombineremmer (IIa)
Werking & Indicatie

Directe, competitieve en reversibele remmer van vrij en stolselgebonden trombine (Factor IIa). Voorkomt dat fibrinogeen wordt omgezet in fibrine. Indicaties: non-valvulair atriumfibrilleren ter preventie van CVA, behandeling van DVT en longembolie.

Bijzonderheden & Antidotum

Veroorzaakt frequent maagklachten (dyspepsie) door de wijnsteenzuurbasis in de capsule. Capsules NOOIT openmaken of fijnmaken (verhoogt biologische beschikbaarheid met 75%, bloedingsgevaar!). Bewaren in originele doordrukstrip (zeer vochtgevoelig).
Specifiek antidotum: Idarucizumab (Praxbind).

Apixaban
Eliquis
Directe Factor Xa-remmer
Werking & Dosering

Directe, selectieve remmer van Factor Xa. Voorkomt dat protrombine wordt geactiveerd. Indicatie: CVA-preventie bij AF, DVT/longembolie.
Standaarddosis: 2× daags 5 mg. Dosisreductie naar 2× 2.5 mg indien de patiënt voldoet aan minimaal 2 van de 3 criteria: leeftijd ≥ 80 jaar, lichaamsgewicht ≤ 60 kg, serumcreatinine ≥ 133 µmol/l.

Aandachtspunten

Minst afhankelijk van de nierfunctie onder de DOAC's (27% renale klaring). Zeer gunstig maag-darm bloedingsprofiel. Antidotum: Andexanet alfa (Ondexxya).

Rivaroxaban
Xarelto
Directe Factor Xa-remmer
Werking & Innamevoorschrift

Directe Factor Xa-remmer. Groot voordeel: 1× daags doseren (meestal 20 mg bij AF).
Cruciaal innamevoorschrift: De tabletten van 15 mg en 20 mg MOETEN altijd tijdens een maaltijd worden ingenomen! Voedsel is noodzakelijk voor een volledige en betrouwbare absorptie in het maag-darmkanaal.

Klassieke Coumarinederivaten
04

Vitamine K-Antagonisten (VKA's)

Acenocoumarol en Fenprocoumon: dosering strikt gestuurd op geleide van de INR door de Trombosedienst.

Acenocoumarol
Sintromitis (kortwerkend VKA)
VKA · Halfwaardetijd 8-11u
Werking & Dynamiek

Remt de synthese van de vier vitamine K-afhankelijke stollingsfactoren in de lever: Factor II (protrombine), VII, IX en X, evenals proteïne C en S. Heeft een relatief korte halfwaardetijd (8-11 uur). Als de dosering wordt aangepast, reageert de INR binnen 24-48 uur.

INR Streefwaarden

• Laag-intensieve groep (AF, DVT, longembolie): INR 2.0 – 3.0.
• Hoog-intensieve groep (mechanische kunsthartkleppen): INR 2.5 – 3.5.

Verpleegkundige Alert: Tabletten van 1 mg. Worden altijd 1× daags 's avonds om 18:00 uur ingenomen. Waarom? Zodat de uitslag van de ochtend-bloedprik van de Trombosedienst direct in de dosering van diezelfde avond verwerkt kan worden!
Fenprocoumon
Marcoumar (langwerkend VKA)
VKA · Halfwaardetijd 140u
Werking & Eigenschappen

Zelfde werkingsmechanisme als acenocoumarol, maar met een extreem lange halfwaardetijd van circa 140-160 uur (bijna een week!). Voordeel: zeer stabiele INR-spiegels met minder schommelingen. Nadeel: bij overdosering of bloeding duurt het dagen voordat het effect uitdooft; snelle correctie met vitamine K of stollingsfactoren is noodzakelijk.

Parenterale Anticoagulantia
05

Heparines & Laagmoleculair Heparine (LMWH)

Direct werkende subcutane en intraveneuze antistolling voor klinische profylaxe en acute trombosebehandeling.

Laagmoleculair Heparine (LMWH)
Nadroparine (Fraxiparine), Enoxaparine (Clexane), Dalteparine (Fragmin)
LMWH · Subcutaan
Werking & Indicaties

Versterkt de werking van het lichaamseigen antitrombine III en remt selectief geactiveerd Factor Xa (met minder effect op trombine). Indicaties: tromboseprofylaxe bij bedlegerigheid of na orthopedische chirurgie (1× daags lage dosis), en therapeutisch bij acute DVT, longembolie of acuut coronair syndroom (2× daags gewichtsafhankelijke dosis).

Subcutane Injectietechniek

Kant-en-klare spuit met luchtbelletje: het luchtbelletje NIET verwijderen vóór injectie! Het luchtbelletje zorgt ervoor dat de volledige medicatiedosis uit de naald wordt gedrukt en sluit het injectiekanaal af (vermindert hematomen). Loodrecht injecteren in het subcutane vetweefsel van de buik (minstens 5 cm van de navel). Na injectie niet wrijven!

Heparine (ongefractioneerd / UFH)
Heparine LEO
IV Infusie · aPTT
Werking & Monitoring

Groot molecuul, remt zowel Factor Xa als trombine (IIa) gelijkmatig via antitrombine. Wordt per continu intraveneus infuus toegediend bij acute ingrepen, dialyse of ernstig nierfalen (heeft géén renale klaring). Werkingsduur is zeer kort (halfwaardetijd 1-2 uur).
Monitoring: Strikte sturing op geleide van de geactiveerde partiële tromboplastinetijd (aPTT): streefwaarde 1.5 tot 2.5× de uitgangswaarde.

Gevaarlijke Complicatie: HIT (Heparine-Geïnduceerde Trombocytopenie). Immuunreactie na 5-10 dagen waarbij antistoffen tegen heparine-PF4 complexen leiden tot massale plaatjesactivatie en levensgevaarlijke trombose met gelijktijdige trombopenie! Controleer trombocytengetal.
Spoedinterventies bij Ernstige Bloedingen
06

Antidota & Couperen van Antistolling

Welk specifiek tegenmiddel zet je in bij levensbedreigende bloedingen of acute noodoperaties?

Vitamine K (Fytomenadion / Konakion) & Cofact

Voor: Vitamine K-antagonisten (Acenocoumarol & Fenprocoumon).
• Vitamine K (oraal of IV): Stimuleert de lever om nieuwe stollingsfactoren aan te maken. Werkt pas na 6 tot 24 uur!
• Cofact / Beriplex (Vierstollingsfactorenconcentraat, PPSB): Bevat direct geconcentreerde factoren II, VII, IX en X. Werkt binnen enkele minuten bij acute ernstige hersenbloeding of trauma!

Protamine (Protaminesulfaat)

Voor: Ongefractioneerde heparine (en deels LMWH).
Sterk basisch eiwit dat bindt aan het sterk zure heparine en een inactief zoutcomplex vormt. Neutraliseert IV heparine onmiddellijk (1 mg protamine neutraliseert 100 IE heparine). Neutraliseert LMWH voor circa 50-60%.

Idarucizumab (Praxbind)

Voor: Dabigatran (Pradaxa).
Gehumaniseerd monoklonaal antilichaamfragment (Fab). Bindt met een 350× hogere affiniteit aan dabigatran dan trombine. Neutraliseert het antistollingseffect binnen enkele minuten volledig.

Andexanet alfa (Ondexxya)

Voor: Factor Xa-remmers (Apixaban & Rivaroxaban).
Recombinant gemodificeerd humaan Factor Xa-eiwit dat fungeert als 'lokaas' (decoy receptor). Vangt vrije factor Xa-remmers in het bloed weg waardoor lichaamseigen Factor Xa weer actief kan stollen.

Toetsoverzicht
07

Samenvattende Medicatietabel Antistolling

De 9 antistollingsmiddelen systematisch vergeleken voor het examen.

Geneesmiddel Groep Aangrijpingspunt Indicatie Monitoring Antidotum Verpleegkundig Punt
AcetylsalicylzuurAscal (80-100 mg) Trombocytenremmer Irreversibele COX-1 remming in bloedplaatjes (TXA2 ↓) Arteriële preventie: CVA, TIA, myocardinfarct Geen routine bloedtest Trombocytentransfusie Werkt 7-10 dagen (levensduur plaatje). Maagklachten!
ClopidogrelPlavix (75 mg) Trombocytenremmer Irreversibele P2Y12-receptorremming Na coronairstent (DAPT), CVA, vaatlijden Geen routine bloedtest Trombocytentransfusie Interactie met omeprazol vermijden (kies pantoprazol).
DabigatranPradaxa DOAC Directe trombineremmer (Factor IIa) AF, DVT, longembolie eGFR (80% renaal!) Idarucizumab (Praxbind) Capsule NIET openmaken. In originele doordrukstrip bewaren.
ApixabanEliquis DOAC Directe Factor Xa-remmer AF, DVT, longembolie eGFR, gewicht, leeftijd Andexanet alfa 2× daags innemen. Strikte therapietrouw (korte T1/2).
RivaroxabanXarelto DOAC Directe Factor Xa-remmer AF, DVT, longembolie eGFR Andexanet alfa 15 en 20 mg ALTIJD met voedsel innemen voor opname!
Acenocoumarol VKA (Coumarine) Remt vit K-afhankelijke factoren (II, VII, IX, X) AF, DVT, kunstkleppen INR (streef 2.0-3.0 of 2.5-3.5) Vitamine K / Cofact (PPSB) 1× daags om 18:00 uur. Volg doseerkaart Trombosedienst.
FenprocoumonMarcoumar VKA (Coumarine) Zelfde werking als acenocoumarol Langdurige antistolling INR Vitamine K / Cofact (PPSB) Extreem lange halfwaardetijd (140 uur!). Heel stabiel.
Heparine (UFH) Parenteraal Activeert antitrombine → remt IIa en Xa Acuut infarct, dialyse, chirurgie aPTT (1.5-2.5×) Protaminesulfaat Continu IV. Monitor trombocyten op HIT (daling plaatjes)!
NadroparineFraxiparine (LMWH) LMWH Selectieve remming Factor Xa via antitrombine Trombosepreventie & behandeling Geen routine (anti-Xa) Protamine (deels) Subcutaan: luchtbel NIET uitspuiten! Niet nawrijven.
Casuïstiek & Klinische Alarmsignalen
08

Wat zie je? → Wat doe je?

Herken complicaties van antistolling op de afdeling.

Scenario 1: Zwarte, teerachtige ontlasting

Mevrouw Bos (71) gebruikt Rivaroxaban voor atriumfibrilleren. Ze voelt zich duizelig en heeft zojuist gitzwarte, kleverige ontlasting met een weeïge geur geproduceerd.

Verpleegkundig Beleid
  • Herken direct melaena: dit wijst op een ernstige actieve bloeding in de hoge tractus digestivus (maag/duodenum)!
  • Meet onmiddellijk bloeddruk en pols (alert op hypotensie en tachycardie: beginnende verbloedingsshock).
  • Houd de rivaroxaban per direct in, waarschuw met spoed de arts en zet een ruim infuus voor vocht en eventuele endoscopie.
Scenario 2: INR van 7.5 zonder actieve bloeding

Bij meneer Jansen (acenocoumarol) komt een INR-uitslag binnen van 7.5 (streefwaarde 2.0-3.0). De patiënt voelt zich goed en heeft geen zichtbare bloedingen.

Verpleegkundig Beleid
  • Controleer de patiënt grondig op hematomen, petechiën, bloedend tandvlees of hematurie.
  • Geef GEEN acenocoumarol vanavond!
  • Overleg met de Trombosedienst of arts: conform richtlijn 1-2 giften acenocoumarol overslaan en eventueel een lage dosis vitamine K (1-2 mg oraal) toedienen om de INR veilig te laten dalen.
Scenario 3: Fraxiparine injecteren

Een leerling-verpleegkundige maakt zich klaar om Fraxiparine subcutaan toe te dienen en wil vóór het prikken de luchtbel uit de spuit tikken en wegspuiten.

Verpleegkundig Beleid
  • Grijp in: het luchtbelletje moet NIET worden weggespoten!
  • Leg uit dat de luchtbel fabrieksmatig is aangebracht om de volledige dosis toe te dienen en de injectieplaats in de huid af te sluiten, wat grote onderhuidse bloeduitstortingen voorkomt.
Toetstrainer

Test je kennis: Antistolling

5 representatieve meerkeuzevragen voor de verpleegkundige medicatietoets.

1. Waarom moeten capsules dabigatran (Pradaxa) te allen tijde heel worden doorgeslikt en mogen ze NOOIT worden geopend of fijngestampt voor toediening via een sonde?
2. Een patiënt die acenocoumarol gebruikt wordt binnengebracht met een acute traumatische intracraniële bloeding (hersenbloeding). Welk middel moet met spoed intraveneus worden gegeven om de stolling binnen enkele minuten te herstellen?
3. Wat is het belangrijkste specifieke innamevoorschrift voor de hogere doses rivaroxaban (tabletten van 15 mg en 20 mg)?
4. Welke stollingsfactoren zijn afhankelijk van vitamine K voor hun activering in de lever?
5. Een patiënt die behandeld wordt met heparine per continu infuus vertoont na 7 dagen plotseling een daling van het aantal trombocyten met meer dan 50%, gecombineerd met een nieuw pijnlijk gezwollen been. Waarop moet je direct bedacht zijn?